Omgaan met littekens

Omgaan met littekens, hoe doe je dat eigenlijk? Ik heb geen idee. Ik ga je dan ook niet vertellen hoe jij moet omgaan met littekens, dat kan ik helemaal niet. Ik kan je wel vertellen hoe ik omga met mijn littekens. Wellicht heb je er iets aan, of niet.

Ik heb aardig wat littekens aan mijn zelfbeschadiging overgehouden. Ze zitten op onzichtbare plekken zoals mijn buik, heupen en voeten, maar ook op zichtbare plekken zoals mijn armen en benen. En zoals jullie waarschijnlijk wel weten verberg ik mijn littekens niet. Ik ben namelijk van mening dat ik mezelf niet hoef te verbergen. Andere mensen hoeven dat ook niet dus waarom zou ik dat dan wel moeten? Ik heb in iemand anders’ blog een keer gelezen dat er regels zouden bestaan over wanneer je littekens van zelfbeschadiging wel en wanneer je ze niet zou mogen tonen. Ik vind dit onzin. Er zijn geen regels omtrent littekens, die zijn er gewoon niet. Iedereen moet voor zichzelf bepalen wat goed voelt. Is dat met korte mouwen de straat op gaan, dan is het goed. Is dat met lange mouwen de straat op gaan, dan is het ook goed. Mijn boodschap is eigenlijk, heel cliché: je bent goed zoals je bent.

Ik vind ‘tonen’ trouwens een verkeerd gekozen woord. Als ik met korte mouwen over straat ga betekent dat niet dat ik aan iedereen mijn littekens toon. Ik verberg ze niet, ze zijn zichtbaar, dat vind ik iets anders. Iets is zichtbaar en bestaat gewoon. Of iets wordt getoond. Dit laatste zou suggereren dat je er de aandacht op vestigt. Bijvoorbeeld door je arm voor iedereen zijn gezicht te houden. In dit geval vind ik dat je je armen toont aan mensen. Maar loop je gewoon over straat met korte mouwen dan zijn je littekens zichtbaar. Iets heel anders als je het mij vraagt.

Mijn littekens zitten er nou eenmaal en ik kan er nu niets meer aan doen. Waarom zou ik me mijn hele leven verstoppen? Alleen maar vanwege die streepjes en rondjes op mijn huid? Ik dacht het niet. Mijn huid ziet er dan misschien iets anders uit dan die van de meeste mensen maar dat zou mij niet in mijn functioneren moeten belemmeren, vind ik. Wel heb ik er zelf voor gekozen om mijn littekens te bedekken als ik te maken heb met kinderen. Ik heb dit voor mezelf besloten omdat ik liever niet wil dat kinderen in aanraking komen met zoiets groots als zelfbeschadiging. Ook heb ik geen idee hoe ik aan een kind zou moeten uitleggen hoe ik aan mijn littekens kom. Dit zou een ongemakkelijk gesprek worden en ik kies ervoor om dat te vermijden. Mijn grootste nachtmerrie is dat een kind zichzelf gaat beschadigen omdat ik met mijn littekens hem of haar op het idee heb gebracht. Dit wil ik koste wat kost voorkomen dus als ik weet dat ik ’s middags te maken ga krijgen met kinderen dan stop ik ’s ochtends een extra een vestje in mijn tas.

Ik zie littekens trouwens niet als een teken van zwakte. Ik zie mijn littekens als overwinning. Mijn littekens laten mij zien wat ik allemaal overleefd heb. En daar mag ik best trots op zijn. Mijn littekens zijn een deel van mij geworden. Op de een of andere manier ben ik ook gehecht geraakt aan mijn littekens. Iets dat velen waarschijnlijk moeilijk vinden om te begrijpen. Ik ga ook niet mijn best doen om het uit te leggen. Dit begrijp je of begrijp je niet en het is allebei goed. Zolang je maar niet oordeelt is het eigenlijk altijd wel goed. Ik haat mijn littekens niet. Natuurlijk ben ik niet altijd trots op mijn littekens, ik zei dit om je te laten zien dat je ook op een positieve manier naar littekens kan kijken. Mezelf snijden is heel lang een oplossing geweest voor moeilijke dingen. Snijden was niet zozeer het probleem, het was mijn oplossing. Het was niet de beste oplossing, maar het was een oplossing. Mijn littekens maken mij tot wie ik ben en om die reden zou ik ze niet willen missen.

Dat ik manieren heb gevonden om op een positieve manier met mijn littekens om te gaan betekent niet dat ze niet voor moeilijkheden zorgen. Want man wat heb ik toch vaak problemen gehad vanwege de streepjes en rondjes op mijn armen en benen. Leuke reacties bestaan wel maar zijn heel moeilijk te vinden, wat ook eigenlijk best logisch is. Ongemakkelijke situaties en pijnlijke opmerkingen zijn eerder kenmerkend voor de reacties op mijn littekens. Mensen die zeggen dat ze ervan moeten kotsen vind ik onaardig en tactloos. Mensen die mij nastaren of naar mijn littekens wijzen vind ik ook maar niks. Het doet me elke keer pijn. En mensen die zonder iets te zeggen mijn arm gaan aanraken, ik heb geen idee wat ik van hen moet vinden, uhm onbeschoft?

Ook vragen mensen vaak hoe ik mijn littekens heb opgelopen. Ik heb daar op zich geen problemen mee. Vragen mag altijd en domme vragen bestaan niet. Ik vind het altijd fijner als mensen maar gewoon naar mijn littekens vragen, dat heb ik liever dan de starende blikken of het roddelen. Vraag het dan maar gewoon recht in mijn gezicht. Wel vind ik het altijd ontzettend ongemakkelijk als iemand ernaar vraagt. Ik weet nooit zo goed wat ik moet antwoorden. Eigenlijk zou ik een standaard antwoord klaar moeten hebben omdat ik weet dat de vraag komt. Ik heb alleen nog nooit een goed antwoord gevonden. En ik weet tot de dag van vandaag nog steeds niet wat ik moet zeggen als iemand ernaar vraagt. Elke keer schik ik van de vraag. Hij komt zo onverwacht omdat ik meestal vergeet dat ik streepjes op mijn arm heb zitten. En door zo’n vraag word ik met mn neus op de feiten gedrukt. Ik vind dat best moeilijk.

Kortom ik vind het lastig om met mijn littekens om te gaan. Mijn littekens zijn een deel van mij en ik wil mezelf niet verstoppen voor de wereld. Dat is nergens voor nodig. Maar ik wil liever niet dat kinderen mijn littekens zien, dus rondom kinderen verberg ik mijn littekens wel. Dit is tegenstrijdig en hier spreek ik mezelf tegen. Dat komt omdat ik het welzijn van kinderen soms gewoon even belangrijker vind dan mijn eigen ‘vrijheid’. Ik heb hier zelf voor gekozen en ik raad iedereen met littekens aan om zelf na te denken en zelf te besluiten of je wilt dat je littekens zichtbaar zijn of niet. Het is allebei oké. Je moet dit echt zelf besluiten want niemand anders kan het voor je doen.

KENZA